Masterplan Aardwarmte: veel potentie als alternatieve warmtebron
29-05-'18

Op 29 mei 2018 is het Masterplan Aardwarmte Nederland aangeboden aan Ed Nijpels, namens de SER de coördinator van het Klimaatakkoord. Dit Masterplan is een gezamenlijke inspanning van markt en overheid en buigt zich over de vraag hoe aardwarmte, de warmtenetten en de warmtevraag zich optimaal in samenhang kunnen ontwikkelen met als ambitie het realiseren van 50 Petajoule (PJ) in 2030 en 200 PJ in 2050. Ter vergelijk: 50 PJ is de warmtebehoefte van ongeveer 1,5 miljoen huishoudens.  Aardwarmte levert met deze ambities een significante bijdrage aan het verduurzamen van de warmtevraag.

 

Het Masterplan geeft een heldere analyse van de huidige situatie en een routekaart met acties voor alle partijen om het gestelde doel te bereiken. Het plan is aangeboden als input voor de onderhandelingen over het Klimaatakkoord. Ed Nijpels: “Geothermie gaat een belangrijke rol spelen in de energietransitie. In het Klimaatakkoord waar partijen nu met elkaar over praten, zullen daar ongetwijfeld knopen over worden doorgehakt. Deze studie levert daarbij een belangrijke bijdrage.”

Nederland staat voor een belangrijke opgave. De CO2-emissies dienen met 49% te worden gereduceerd voor 2030 (Regeerakkoord) en met 95% voor 2050 (COP21). Dit betekent niet alleen 95% duurzame stroom, maar ook 95% duurzame warmte. Ongeveer 40% van de Nederlandse emissies komen door het gebruik van warmte. Om de emissiedoelstellingen te halen zal de warmtevraag moeten instaan voor 20 Mton CO2-emissies reductie in 2030. , gelijk aan ongeveer 500 PJ te verduurzamen warmte. Een dubbel zo grote besparing is nodig voor 2050. Om deze doelstellingen te bereiken tegen de laagst mogelijke maatschappelijke kosten is een diversiteit aan warmtebronnen en technologieën nodig.  Aardwarmte kan een belangrijke rol spelen in de toekomstige duurzame energiemix. Met name in de glastuinbouw, stadswijken en utiliteitsbouw in de gebouwde omgeving en in de lichte industrie is een rol voorzien voor aardwarmte. De Nederlandse overheid stimuleert om deze reden het in kaart brengen van de ondergrond in Nederland, zodat het potentieel van aardwarmteprojecten ten volle kan worden benut.

Onderdeel van het Masterplan Aardwarmte is een zogeheten routekaart die beschrijft hoe het potentieel in Nederland optimaal te ontsluiten is. Daarbij is zowel de aanbodkant als de vraagkant meegenomen. Uitgaande van een uitfasering van aardgas, laat het Masterplan zien hoe de benodigde groei van de huidige exploratie- en winningsactiviteiten te realiseren is, en wat voor de benodigde uitbreiding van de infrastructuur (warmtenetten) nodig is. Naast technische en economische randvoorwaarden, zoals het borgen van de veiligheid en het organiseren van warmtevraagportfolio’s, gaat het ook om maatschappelijke randvoorwaarden zoals draagvlak in de samenleving voor aardwarmte en warmtenetten. De komende periode zullen de betrokken partijen gezamenlijk opvolging geven aan de acties die volgen uit het Masterplan en de routekaart. Daarbij willen zij gezamenlijk optrekken met andere partijen die in de warmtevoorziening een belangrijke rol spelen.

Het Masterplan Aardwarmte Nederland (met als ondertitel ‘een brede basis voor een duurzame warmtevoorziening’) is opgesteld en uitgewerkt door DAGO (Dutch Association Geothermal Operators), Stichting Platform Geothermie, Stichting Warmtenetwerk en EBN, ondersteund door de ministeries van Economische Zaken en Klimaat en Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Veel andere partijen waren betrokken via interviews en werksessies.

 

DAGO verwelkomt Vermilion als nieuwkomer in de geothermie
24-05-'18
Vermilion is als aspirant-lid toegetreden tot DAGO. Deze toetreding is een concrete stap in een verdere samenwerking tussen de geothermiesector en de olie- en gassector met als doel meer van elkaar te leren, de ontwikkeling van geothermie in Nederland te versnellen en zo bij te dragen aan  de transitie naar een duurzame energievoorziening. 
Geothermie operaties zijn voor een deel vergelijkbaar met olie- en gasactiviteiten. De olie- en gasindustrie heeft in de loop der jaren hoge veiligheidstandaarden (Health Safety en Environment (HSE))ontwikkeld voor operationele mijnbouwactiviteiten. Zo zijn er bijvoorbeeld hoge standaarden voor arbeidsveiligheid en bescherming van het milieu.  Vermilion deelt zijn kennis en ervaring binnen DAGO om zo de industriestandaarden voor geothermie naar een nog hoger plan te helpen brengen.
Ook heeft Vermilion veel kennis en data van de Nederlandse ondergrond die van groot belang is voor de ontwikkeling van geothermie. Deze kennis wil ze samen met DAGO en de geothermie operators verder ontsluiten. Zo heeft Vermilion onlangs nieuwe (seismische) data in Friesland gegenereerd. Deze en al bestaande data zijn belangrijk om de potentie voor geothermie in Nederland beter inzichtelijk te maken en boorrisico’s verder te verkleinen.
Vermilion heeft zo’n 75 gasproductielocaties met ongeveer 110 putten. De intentie is om te onderzoeken of deze bestaande locaties in de toekomst gebruikt kunnen worden voor mede- of hergebruik voor geothermie om daarmee de transitie naar een duurzame energievoorziening te ondersteunen. Het Gas to Geothermal project in Middenmeer is hier een voorbeeld van.  In dit project, een initiatief van ECW en Vermilion, wordt een gasput hergebruikt  als geothermie bron . Met ECW, het energiebedrijf van het nabijgelegen glastuinbouwgebied Agriport A7, wordt onderzocht in hoeverre het mogelijk is om twee putten te gebruiken voor een aardwarmtedoublet.
Verder onderzoekt Vermilion de mogelijkheden om nieuwe aardgas activiteiten te combineren met de ontwikkeling van duurzame bronnen zoals groengas en geothermie. Dit resulteert in fors lagere ontwikkelings- en operationele kosten en een lagere ruimtelijke geografische footprint . Voorbeelden van deze synergie zijn: 
o Seismiek kan worden ingezet worden voor geothermie
o Gezamenlijke exploratie (en daarmee derisken) van gas en geothermie
o Hergebruik van de gasinfrastructuur voor geothermie
o Gezamenlijke ontwikkeling van aardgas productie en behandelingslocaties met Groengas productielocaties
DAGO werkt een aantal jaren samen met de KVGN en NOPEGA, operators en specialisten uit de olie- en gas industrie. Er zijn veel overeenkomsten in de activiteiten van beide. En beide activiteiten vallen hoofdzakelijk onder dezelfde wet- en regelgeving, maar er zijn echter ook verschillen. Daardoor heeft geothermie altijd maatwerk aanpassingen nodig van olie- en gasstandaarden. DAGO en haar leden besteden veel tijd en aandacht aan doelmatige risicobeheersing en borging van veiligheid en bundelen die in industriestandaarden.  Zie voor nadere uitleg de  infographic op de site van Stichting Platform Geothermie. 
DAGO rond met veel succes project kennismedewerker af
10-04-'18

DAGO (Dutch Association Geothermal Operators) is als vereniging tegelijkertijd opgericht met de start van het project Kennismedewerker Geothermie, in juni 2014. Het project liep tot eind 2017 en is een grote stimulans geweest voor DAGO en de geothermie sector. Mede vanuit de kennis organisatie is parallel ook de beleidsontwikkeling vanuit DAGO gegroeid, wat tot verdere operationalisering en professionalisering heeft geleid.

DAGO heeft parallel aan dit project een eigen bureau weten op te bouwen, waarmee kennismanagement geborgd is in zowel processen en structuren, als op inhoudelijk niveau. Vanuit het project is de kennisuitwisseling tussen operators gestructureerd in werkgroepen, themabijeenkomsten en praktijkdocumenten. Dit heeft bijgedragen aan de standaardisering, de uniformering en de kwaliteit. Tevens heeft het project kennismedewerker er voor gezorgd dat de operators een actieve rol kregen in de vraagsturing van het kennisprogramma en ontwikkeling via de KennisAgenda Aardwarmte.

Eén van de belangrijkste concrete resultaten van het project is de complete opzet van eigen VG-managementsysteem dat gebaseerd is op drie ISO-standaarden en een structurele basis biedt voor de ontwikkeling van alle toekomstige systemen die generiek voor de geothermie dienen te worden opgebouwd.

Een ander belangrijk resultaat is zichtbaarheid en centralisatie. DAGO heeft, door de uitvoer van dit project, de kans gegrepen om  een centrale organisatie te ontwikkelen die het aanspreekpunt is voor operators en voor stakeholders vanuit de verschillende overheden.

Het project heeft ook bijgedragen aan de opbouw van een netwerk van specialisten in de geothermie sector, waarbij veelvuldig contact is geweest met NOGEPA en andere olie- en gas gerelateerde bedrijven.

Geothermie is geen olie- en gas en zal dat ook nooit worden. De geothermiesector is in de laatste 10 jaar in Nederland sterk ontwikkeld en maakt een snelle professionaliteitsslag door. Veel technieken, kennis en ervaringen vanuit de olie- en gas worden ook gebruikt in de geothermie, maar geothermie kent ook wezenlijke verschillen op het vlak van hoe ze de ondergrond gebruikt en hoe de distributie van warmwater plaatsvindt. Vanwege deze andere toepassing en organisatie zal geothermie zich als een zelfstandige bedrijfstak ontwikkelen.

De druk op de sector neemt in de laatste jaren vanuit het publieke belang toe en het is duidelijk dat geothermie alleen een solide toekomst heeft indien deze veilig, betrouwbaar en betaalbaar blijft functioneren. En daarvoor is uiteraard een transparante cultuur in de sector, inclusief de juiste organisatie en uitvoering nodig. Bovendien is vakmanschap, kennisontwikkeling en kennisdeling van essentieel belang. Even zo belangrijk is transparante communicatie; in een actieve en constructieve dialoog met betrokkenen en omgeving.

Het project kennismedewerker is op verschillende manieren van grote toegevoegde waarde geweest. Rode draad in de jaren van het project is de zoektocht naar die elementen die bijdragen aan de noodzakelijke gedegen bedrijfsvoering van de operators. De aanbevelingen uit dit project dragen bij aan de basis voor vervolgprojecten en activiteiten binnen DAGO en de geothermie sector.

DAGO is in de loop van dit project ontwikkeld tot een co-operator, die streeft naar conformiteit en context, om met een actieve communicatie te werken aan co-creatie van betere geothermie, zodat deze van structurele bijdrage kan zijn als duurzame energiebron in de periode van energietransitie die voor ons ligt. In de aankomende jaren zal de focus voor alle betrokkenen liggen op een verdere opbouw van een gedegen bedrijfsvoering binnen de geothermiesector. Alle betrokkenen hebben hier een belang in en DAGO laat zien dat het de brugfunctie vervult die hierbij in de sector zo noodzakelijk is. Daarvoor heeft het DAGO bestuur, bureau en leden het vertrouwen uitgesproken om de resultaten van het project kennismedewerker verder uit te dragen om op die wijze de uitdagingen die er in de sector liggen structureel op te pakken.

Zie het volledige rapport via deze link
 

Open briief DAGO aan Minister Wiebes EZK - kansen geothermie
22-03-'18

Excellentie,  

Met genoegen heeft DAGO (Dutch Association Geothermal Operators, de branchevereniging van uitvoerders van geothermische projecten in Nederland) uw Kamerbrief van 8 februari j.l. gelezen. Wij onderschrijven het belang van het versterken en versnellen van de ontwikkeling van geothermie in Nederland. DAGO is met dat doel in 2014 door de geothermie operators opgericht en wij zien het als onze gezamenlijke missie om geothermie veilig en verantwoord te ontwikkelen en op een economisch verantwoorde wijze duurzame warmte te produceren.

 

Het afgelopen jaar zijn veel initiatieven vanuit de Rijksoverheid voor geothermie opgestart. Zo zijn er meerdere GreenDeals getekend die de ontwikkeling van geothermie stimuleren. In de zomer van 2017 is de Staat van de Sector geothermie gepubliceerd, waarin SodM beschrijft hoe zij de sector ziet en waar deze verbeterd kan worden. Er is veel media-aandacht geweest voor het project van WarmteStad Groningen. En uw brief is een belangrijke mijlpaal die naar de toekomst kijkt.

Wij werken graag samen met u aan deze duurzame toekomst!

DAGO heeft met deze brief het doel om vanuit de huidige geothermische projectuitvoerders en aangesloten aspiranten te reflecteren op uw Kamerbrief, de ontwikkelingen vanuit de sector te benoemen sinds de publicatie van de Staat van de Sector en uw deelgenoot te maken van het aanbod van de geothermische sector aan het klimaat- en energieakkoord.

Reflectie op Kamerbrief

U beschrijft een aantal maatregelen die nodig is om de nog relatief jonge geothermiesector toekomstbestendig te maken:

  • Aanvullende technische eisen;

DAGO ontwikkelt industriestandaarden in gezamenlijkheid met haar 28 leden en de keten. Voordat deze geïmplementeerd worden, wordt de uitvoerbaarheid en handhaafbaarheid van doelstellende wet- en regelgeving afgestemd met de toezichthouder. Concreet zijn hiervoor met betrekking tot bescherming van grondwater reeds gesprekken gaande met provincies en drinkwaterwinbedrijven. De focus ligt in 2018 op standaarden voor corrosiebeheersing, beheersing van putintegriteit en assetmanagement. In het kader van de Kennisagenda Aardwarmte wordt een studie uitgevoerd waarin onder meer het meest adequate ontwerp van een testwaterbassin onderzocht wordt. Ook deze studie zal leiden tot een industriestandaard.

DAGO is zeer content met uw toezegging dat een aantal veiligheidsmaatregelen passend gemaakt zal gaan worden voor geothermie en streeft er naar om bovenstaande ontwikkelingen in een compleet DAGO management systeem op te nemen. Wij zullen onze input geven aan de wetgever om de wet zo te ontwikkelen dat productie van geothermie zo veilig als mogelijk en doelmatig uitgevoerd kan worden.

  • Toetsen op financieel draagvlak;
    Momenteel vindt toetsing van financiële capaciteitsplaats bij de aanvraag van SDE+ en RNES. Daarnaast toetst ook de financier de businesscase van nieuwe projecten. Daarin zijn ook projectrisico’s en verzekerbaarheid opgenomen. Vanuit DAGO verwachten wij dat de verzekeringsmarkt op collectief niveau verzekeringsproducten zal organiseren. Er is veel afstemming nodig om de toetsingen op financieel draagvlak over de gehele levenscyclus van een geothermie project integraal uit te voeren. De ontwikkeling van de warmtemarkt en infrastructuur hebben hier ook hun invloed op. Graag brengen wij en onze leden hun inzicht in bij dit proces.

Aanwezigheid van een goede business case, warmte afname en voldoende eigen vermogen zijn elementen die onmisbaar zijn in een project om dit uitgevoerd te krijgen. Het is dus zeer goed dat EZK hierop gaat toetsen, zodat concessies niet verleend worden zonder dat daar een zelfstandig project gerealiseerd kan worden. Daarbij moet echter niet uit het oog verloren worden dat geothermie projecten over het algemeen lokaal gericht zijn en hun warmte in de directe omgeving afzetten. Het is belangrijk dat het beleid binnen heldere kaders, de ontwikkeling van zowel grootschalige als kleinschalige geothermie projecten en warmtenetten blijft faciliteren.

Deelname van EBN in projecten kan een positieve bijdrage leveren in kennis van ondergrond, techniek en processen. DAGO ziet uit naar een duidelijke vorming van de rol en verantwoordelijkheid van EBN en de constructieve dialoog die dat meebrengt.

  • Stabiele regelgeving is noodzakelijk voor ontwikkeling van projecten. De RNES is daarbij van groot belang, omdat geologie altijd onzekerheid geeft. De afgelopen jaren is er door de gerealiseerde projecten meer premie ingelegd dan uitgekeerd en de vraag speelt hoe deze inleg naar de toekomst kan bijdragen in de projecten van deze verzekerden.
    DAGO is van mening dat segmentatie bij de ontwikkeling van de RNES gewenst is, gerelateerd aan de bekendheid van de ondergrond (diepte, regio) en de ervaringen van geothermie in het doelaquifer. Wij pleiten voor meer maatwerk bij de RNES-garantieregeling.
  • Wijziging mijnbouwregelgeving;

De operators willen uiteraard graag voldoen aan de wet- en regelgeving. Vaak al vele jaren geleden zijn er winningsplannen ingediend. Wij zijn dan ook verheugd dat er een reactie komt op de ingediende plannen en dat er voortgang wordt gemaakt in het proces.

Daarnaast blijven we uw aandacht vragen voor de tijd die de sector nodig heeft van uw ambtenaren om geothermie uitvoerbaar te houden en te verbeteren. In het vergunningentraject zijn er vele overheden betrokken bij de behandeling van de aanvragen, waardoor de complete verlening van vergunningen veel tijd vergt en soms tijdelijk stokt. Zeker voor overheden die voor het eerst met geothermie te maken hebben zijn procedures en acceptatiecriteria soms onduidelijk en dat verlangt extra tijd en aandacht van de aanvrager en van de andere betrokken overheden. Mogelijk dat een centraal overheidsloket hiervoor uitkomst kan bieden.

  • Continuïteit van kennis en ervaring; vergroten kennis van de ondergrond; en innovatie.

Deze drie aspecten zijn onmisbaar om geothermie te laten groeien. Wij denken zelfs dat de potentie van geothermie in Nederland meer is dan 15 PJ in 2030. Hierop komen we later in deze brief terug.  

Daarnaast vragen wij uw aandacht voor het draagvlak voor duurzame energieprojecten. Creëren van draagvlak is onmisbaar in de lokale energietransitie. Van alle belanghebbenden past Stichting Platform Geothermie (SPG) deze rol het beste. Aangezien energietransitie van nationaal belang is, doet de Rijksoverheid er goed aan SPG te ondersteunen, haar slagkracht te vergroten en voor het creëren van draagvlak door middel van open en transparante communicatie over de voordelen en risico's van geothermie. In dat kader tekenen zowel DAGO als SPG mee in de Green Deal Participatie van Duurzame Energieprojecten.

Ontwikkelingen sinds de publicatie van de Staat van de Sector Geothermie

Geothermie is al jaren in ontwikkeling, zowel bij de operators, bij de betrokken overheden als in de gehele keten. DAGO en individuele leden maken een sterke groei door. Sinds enkele jaren specialiseren enkele ondernemingen zich in bedrijfsvoering van meerdere installaties, gezamenlijk met betrokken experts. Ook komen er nieuwe partijen die toetreden. Door deze schaalvergroting en de daarbij behorende verbreding van kennis en ervaring vindt verdere professionalisering en specialisering plaats en intensiveert de kennisuitwisseling. De sector is door deze publicatie van SodM verder gestimuleerd en deelt graag de ontwikkelingen én nog openstaande actiepunten met u.

Ten eerste beschreef SodM dat er gewerkt moet worden aan deskundigheid en kennis en beheersing van risico’s. De afgelopen maanden is het DAGO zorgsysteem als standaard geïmplementeerd bij de operators. Dit zorgsysteem bevat onder andere een risico-inventarisatie en evaluatie en beschrijft de kritische beheersmaatregelen. Daarnaast is een standaard methodiek voor seismisch risicoanalyse in ontwikkeling die ter toetsing voorgelegd is aan EZK en SodM. Projectrisico's zijn niet alleen technisch van aard, maar ook financieel, juridisch en communicatief. Wij kunnen dan ook alle hulp gebruiken om deze risico's nog beter te beschrijven en beheersen op een manier die past bij de specifieke  interactie die een geothermische doublet met de diepe ondergrond heeft. Hiermee kunnen we tijdig en duidelijk een noodzakelijke maatschappelijke dialoog voeren over de risico’s die samenhangen met het gebruik van de ondergrond om te komen tot een brede maatschappelijke acceptatie van geothermie.

Ten tweede moet de veiligheid en het bewustzijn verder verhoogd worden. Zoals hierboven beschreven is DAGO druk bezig met de ontwikkeling van industriestandaarden. Dit gebeurt samen met de olie- en gasindustrie, onder andere met medewerking van NOGEPA. Daarnaast wordt er een programma opgesteld om het veiligheidsbewustzijn verder te verhogen. Naarmate er meer ervaring met geothermie installaties is, kunnen veiligheidsprocessen accurater beschreven worden. Dit veiligheidsprogramma bestaat uit bewustwording, motivatie, in staat stellen en versterken van het belang van veiligheid.

 

Ten derde adviseert SodM dat het naleefgedrag van wet- en regelgeving verbeterd moet worden.

Vanuit de sector verwachten wij dat een betere naleving gelijk zal opgaan met een beter passende wet- en regelgeving. Immers, de wet- er regelgeving is ten dele vanuit het verleden onvoldoende toegesneden op de huidige gangbare geothermische praktijk. Graag blijven wij in constructieve dialoog om noodzakelijke en doelmatige maatregelen aan te laten sluiten bij duidelijke randvoorwaarden van alle betrokkenen. Geothermie is een innovatieve industrie en wij zien het als een gezamenlijk belang en verantwoordelijkheid van alle betrokkenen te streven naar betere conformiteit binnen een passend kader van wet- en regelgeving.

Ten vierde stelt SodM dat er meer geleerd moet worden van goede en slechte ervaringen. DAGO is vier jaar geleden met dit doel opgericht en is in staat geweest veel praktisch ‘veldwerk’ te doen op het gebied van het bundelen en uitwisselen van kennis en ervaring. Dat laat onverlet dat wij open staan voor andere partijen – zoals participatie van EBN – om dit proces van kennis bundeling en verspreiding verder te verbreden en te verdiepen.

 

Tot slot wordt er ook geleerd van ervaringen uit het buitenland. Ook in het buitenland staan de ontwikkelingen niet stil.. In de praktijk hebben de huidige operators al veel contacten met buitenlandse instituten en leveranciers. Dat neemt niet weg dat er met actieve kennisdeling nog meer te bereiken is. Kennis en ervaring dient altijd aan te sluiten bij de lokale situatie en het vergt bijna altijd aanpassing om de toegevoegde waarde hierin te realiseren in de Nederlandse context, zeker indien het de ondergrond en de maatschappij betreft. Mede daarom zullen SPG en DAGO gezamenlijk met EGEC het European Geothermal Congres 2019 organiseren. Hiervoor  komen alle Europese belanghebbenden op het gebied van geothermie naar Den Haag voor een beter netwerk en om kennis en ervaring uit te wisselen in allerlei vormen.  

Aanbod aan klimaatakkoord

DAGO en SPG staan achter de in de Beleidsbrief genoemde analyse en beleidsvoornemens en willen de uitwerking en uitvoering dan ook graag (mede) ter hand nemen. Uitgaande van een spoedige en praktische uitvoering zien wij evenwel kansen voor een substantiële bijdrage van de geothermie aan de energietransitie, waarvoor een op te stellen Klimaat- en Energieakkoord de benodigde stimulans kan leveren. Geothermie past, náást bodemenergie, biomassa en andere CO2-emissiearme bronnen, in de noodzakelijke mix om effectief invulling te geven aan de doelstellingen van de energietransitie.

 

Momenteel kent Nederland 15 operationele geothermische installaties, die 3 PJ per jaar aan warmte opwekken en daarmee 175 kton CO2 besparen. In 2018 worden naar verwachting 5 nieuwe installaties in bedrijf genomen. In de aankomende twee jaar zullen waarschijnlijk minimaal 11 nieuwe doubletten geboord gaan worden.

In de Beleidsbrief is beleid aangegeven waardoor de opwekking naar verwachting toeneemt tot 15 PJ in 2030. Met (veel) verdergaande afspraken en intensivering van de innovatie, achten wij een groei naar 50PJ in 2030 haalbaar, wat overeenkomt met circa 175 doubletten en 2,9 Mton CO2-besparing. Veiligheid, betaalbaarheid, zekerheid, betrouwbaarheid en conformiteit dienen altijd geborgd te zijn. In 2050 is een bijdrage van 200+ PJ (11,6 Mton CO2) met de huidige inzichten denkbaar.

 

Om dit mogelijk te maken zijn er acties gewenst vanuit zowel de vraag- als aanbodzijde, waarbij de warmtevraag georganiseerd wordt, SDE+ passend is, warmtenetten uitgerold worden, wet- en regelgeving met de praktijk meegroeien, vlotte communicatie en afhandeling van vergunningen, betaalbaarheid verbeterd door een play-based portfolio benadering en een projectoverstijgende gebiedsgerichte aanpak voor zowel boven- als ondergrond mogelijk is.

Wij gaan graag met u en alle andere belanghebbenden in gesprek om geothermie veilig en verantwoord groot te maken.

 

Hoogachtend,

M.A. van der Hout

Secretaris-generaal DAGO

Geothermiesector en EBN lanceren Hoewerktaardwarmte.nl
10-11-'17

EBN en geothermiesector lanceren Hoewerktaardwarmte.nl

 

Utrecht, 9 november 2017. - Wie alles wilt weten over de verkenning, opsporing en winning van aardwarmte kan vanaf vandaag terecht op de website www.hoewerktaardwarmte.nl. De site is een initiatief van EBN (Energie Beheer Nederland), en is tot stand gekomen in samenwerking met de Stichting Platform Geothermie, DAGO (Dutch Association Geothermal Operators) en het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat. De website is ontwikkeld om toegankelijke informatie te verstrekken voor iedereen die interesse heeft in aardwarmte (geothermie) of te maken krijgt met een aardwarmteproject in de eigen omgeving.

 

Nederlandse gemeentes, provincies en Rijk werken aan plannen om steden, regio’s en Nederland als geheel klimaatneutraal te maken in 2050. Hierover zijn tijdens de klimaatconferentie COP21 in Parijs (december 2015) afspraken gemaakt. De winning van aardwarmte uit de (diepe) ondergrond is daarbij een belangrijke bouwsteen, en de potentiële toepassing ervan raakt veel Nederlanders. Jan Willem van Hoogstraten, CEO van EBN: “Het is van groot belang om transparant te communiceren over de procedures, de technieken, omgevingseffecten en risico’s. De betrokkenheid van belanghebbenden bij projecten in de ondergrond is essentieel, en het goed en transparant informeren van iedereen is daar onlosmakelijk aan verbonden. Daarom hebben we samen met de geothermiesector de website hoewerktaardwarmte.nl ontwikkeld.”

 

Nieuwe Alliantie rond Geothermie in Zuid-Holland
10-11-'17

PERSBERICHT

Provincie Zuid-Holland, DAGO (Dutch Association Geothermal Operators), EBN B.V., Eneco, HVC, Hydreco GeoMEC B.V. en Gemeente Westland  gaan samen onder de naam Geothermie Alliantie Zuid-Holland werken aan het verduurzamen van de warmtevoorziening door de winning van aardwarmte in Zuid-Holland.

De Geothermie Alliantie is opgericht om de winning en het gebruik van duurzame warmte uit de diepe ondergrond (aardwarmte oftewel geothermie) in de provincie Zuid-Holland te bevorderen. Daarvoor wordt gekeken naar de optimale mogelijkheden voor de ontwikkeling van geothermie in Zuid-Holland.  En hoe deze omgezet kunnen  worden in concrete plannen om aardwarmte veilig en maatschappelijk verantwoord te kunnen winnen. Daarvoor zullen alle deelnemende partijen hun relevante kennis en ervaring op het gebied van geothermie, de ontwikkeling van infrastructuur en de warmtemarkt inbrengen.

Zuid-Holland is bij uitstek de provincie waar de omstandigheden in de diepe ondergrond gunstig zijn om aardwarmte te winnen.  Het merendeel van de in Nederland gerealiseerde geothermische projecten bevindt zich dan ook in Zuid-Holland (8 van de 15). Doorgaans gaat het daarbij om initiatieven vanuit glastuinbouwbedrijven die de mogelijkheden van geothermie hebben verkend en gerealiseerd.  De verwachting is dat de geothermische warmte in de komende tijd ook op grote schaal kan worden gewonnen voor de verwarming van woningen, kantoren en andere industrieën, bijvoorbeeld via de koppeling met de aanleg van een warmtenet.  

De ontwikkeling van duurzame, lokale warmtebronnen zoals geothermie, is van groot belang voor de verduurzaming van de warmtevoorziening. Het klimaatakkoord van Parijs en de uitfasering van aardgas maken dat het gebruik van andere warmte bronnen  de komende jaren enorm zal toenemen.  Met deze nieuwe alliantie willen de partijen warmte uit de ondergrond benutten voor inzet in warmtenetten, naast restwarmte.

-----------------------------------------------------------------------------------

Voor de redactie

Nadere informatie :
Pierre Wimmers
Provincie Zuid-Holland
Tel.: 0622528212

 

Specifieke informatie over de partners:

  • Gemeente Westland heeft inmiddels vijf geothermie projecten in werking en één triasboring in realisatiefase. In het kader van Coalitie Hot is de ambitie komende jaren 8 aanvullende projecten te gaan realiseren.

  • Eneco levert op diverse plaatsen in Zuid-Holland warmte aan gebouwen, in aantal aansluitingen variërend van een paar duizend tot meer dan 40.000 woningen. De grootste netten liggen in Rotterdam en Den Haag. De doelstellingen van de Geothermie Alliantie Zuid Holland sluiten naadloos aan op de visie van Eneco; de vraag naar duurzame warmte zal groeien en Eneco wil dit invullen door de uitbreiding van haar lokale warmtenetten en het aansluiten van duurzame bronnen. Eneco ziet zichzelf vooral als potentiële afnemer van warmte voor haar klanten.

  • Geothermie is voor HVC een speerpunt, wat past bij de rol om haar aandeelhouders (gemeenten en waterschappen) te faciliteren bij de vormgeving en uitvoering van activiteiten die nodig zijn voor de lokale verduurzaming en uitfasering van aardgas. HVC is actief in de volledige keten van beleidsadvies en projectontwikkeling tot het investeren, realiseren en exploiteren van duurzame warmtebronnen, open warmtenetten en de levering van warmte aan bedrijven en consumenten.

  • Voor Hydreco Geomec is geothermie core-business. Met een team van op dit moment 15 professionals wordt er gewerkt aan de ontwikkeling van vele geothermie projecten in Nederland, met name in Zuid-Holland en Noord-Brabant (hiervan zijn Den Haag, Delft, Voorne en Tilburg het verst gevorderd). Het doel is om als geothermie operator langjarig het technisch beheer en de exploitatie van vele geothermie plants uit te voeren. Dit doet Hydreco Geomec voor eigen projecten, maar ook in opdracht van derden.

  • EBN, een beleidsdeelneming van het ministerie van Economische Zaken en primair actief in de exploratie en winning van olie en gas, adviseert EZ over de ontwikkeling van geothermie in Nederland. Daarbij zet EBN haar kennis van de ondergrond en manier van werken in de olie- en gassector breed in om bij te dragen aan de energietransitie. De door EBN en TNO ontwikkelde portfoliobenadering laat zien dat door het in samenhang ontwikkelen van meerdere projecten, zoals ook toegepast in de olie en gas sector, grote voordelen van risicoreductie, kostenreductie en rendementsoptimalisatie worden gerealiseerd. Met deelname van EBN wordt deze benadering ook in de Geothermie Alliantie Zuid-Holland geborgd.

  • De leden van DAGO bundelen en delen hun kennis en ervaringen van geothermie onderling en brengen dit binnen de alliantie in met het streven naar gezamenlijke standaarden, procedures en criteria. Specifieke aandachtsgebieden daarbij zijn:veiligheid, gezondheid en milieu, passende aansluiting met bestaande en toekomstige wet- en regelgeving,doelmatige bedrijfsvoering en vooral betrouwbare en betaalbare geothermie.

 

DAGO persbericht als reactie op de Staat van de Sector van SodM
14-07-'17

0Staatstoezicht op de Mijnen heeft recent haar Staat van de Sector over de geothermie sector uitgebracht. SodM constateert diverse verbeterpunten rond veiligheid, financiën, wet en regelgeving en doet specifieke aanbevelingen. DAGO (Dutch Association Geothermal Operators) erkent het belang van onafhankelijk toezicht en de nadruk op het belang van de veiligheid en een helder wettelijk kader. Het is goed van tijd tot tijd de staat van de sector te evalueren en te bezien wat goed gaat en wat verbeterd kan worden. DAGO neemt de aanbevelingen serieus en zal waar nodig haar inspanningen intensiveren. Veel van de aanbevelingen die SodM doet, zijn prioriteiten van DAGO en haar leden en vormen al geruime tijd onderdeel van onze agenda en de KennisAgenda geothermie. In een aantal van de observaties en aanbevelingen kunnen DAGO en haar leden zich niet vinden. Wij verbazen ons over enkele generaliserende beweringen. 

De geothermie is in ontwikkeling. We maken een sterke groei door. Sinds enkele jaren specialiseren enkele ondernemingen zich in bedrijfsvoering van meerdere installaties, gezamenlijk met de juiste experts. Ook komen er nieuwe partijen die toetreden. Door deze schaalvergroting vinden verdere professionalisering en specialisering plaats en is de kennisuitwisseling verbeterd. De recent gesloten Green Deals rond (ultra) diepe geothermie, waar ook EBN en enkele andere partijen uit de olie en gassector bij betrokken zijn, dragen daar aan bij.

Het gebruik van geothermie neemt toe. Dit is terug te zien in de kennisontwikkeling en de deling van kennis  en ervaring. De sector zet zich in om de ontwikkeling van geothermie verder te brengen, met oog voor betrouwbaarheid, veiligheid, duurzaamheid en betaalbaarheid.  Passende standaarden zijn daarbij een voorwaarde. Deze worden onder andere opgesteld met behulp van internationale specialisten uit de olie- en gas en andere sectoren, in combinatie met expertise uit het werkveld.

De toepassing van geothermie vraagt een passend wettelijk kader en aansluitend toezichtarrangement. Het huidige kader is onvoldoende toegesneden op geothermie. Wij ondersteunen de oproep van de toezichthouder om in gezamenlijkheid met DAGO en EZ de winningsplannen met voorrang te behandelen en tot die tijd een tijdelijk beleidskader en doelmatig toezichtregime te hanteren.

De sector herkent zich niet in de aanbevelingen vanuit SodM m.b.t. de financiële draagkracht van de operators. Voor met name de nieuwere geothermieprojecten zijn voor de financiering juist een substantieel eigen vermogen én een reserve vereist, in overeenstemming met de ervaringen van de sector.

DAGO en de geothermiesector zullen zich blijven inzetten om de ontwikkeling van geothermie verder te brengen, met oog voor betrouwbaarheid, veiligheid en betaalbaarheid, om zo haar bijdrage aan de energietransitie te kunnen blijven vervullen. 

 

 

Achtergrond

DAGO standaarden

Sinds haar oprichting in 2014, werken DAGO en haar operators aan de ontwikkeling en deling van kennis en ervaring en aan het verhogen van het veiligheidsbesef in de sector.Elk bedrijf gebruikt een VG zorgsysteem.  Vanuit DAGO wordt veel aandacht besteed aan de ontwikkeling van industriestandaarden om de sector te versterken op gebieden van veiligheid, betrouwbaarheid en betaalbaarheid, in gezamenlijkheid via de KennisAgenda geothermie waarbij SodM ook deelneemt. Hier hoort onder meer een gedegen risico-inventarisatie en –evaluatie bij. DAGO introduceert in het najaar van 2017 als standaard een sectorgericht zorgsysteem op gebied van Veiligheid, Gezondheid en Milieu om deze verder te verankeren in de sector. DAGO -werkt bij de ontwikkeling van haar industriestandaarden in samenwerking met spelers uit andere sectoren, zoals de olie- en gas en de waterwinning, om te kunnen leren van hun ervaringen zoals SodM ook aanbeveelt. Ook werkt DAGO, samen met het Platform Geothermie, aan een programma voor betrokkenheid en inzet voor communicatie, voorlichting en risicobeoordeling over geothermie in den brede te intensiveren, vanuit het besef dat transparantie en dialoog van groot belang zijn voor het vertrouwen in de sector.

Versterkte kennisbasis en schaalvergroting

Geothermie operators ondernemen in gezamenlijkheid met specialisten en toeleveranciers, waarmee de benodigde kennis en ervaring wordt samengesteld. Het multidisciplinaire team, inclusief de boorspecialisten met een achtergrond uit de olie- en gassector, wordt daarbij altijd getoetst door SodM middels een zelfevaluatie. TNO-AGE en SodM beoordelen in gezamenlijkheid de puttrajecten en tijdens boren vindt er altijd dagrapportage plaats. Er is altijd een onafhankelijke well examinator. Olie en gasexpertise is niet altijd één op één te kopiëren voor  de geothermie.  Sinds enkele jaren specialiseren enkele ondernemingen zich in bedrijfsvoering van meerdere installaties. Door deze schaalvergroting vinden verdere professionalisering en specialisering plaats en is de kennisuitwisseling verbeterd. De recent gesloten Green Deals rond (ultra) diepe geothermie, waar ook EBN en enkele andere partijen uit de olie en gassector bij betrokken zijn, dragen daar aan bij.

Financiële draagkracht geothermie geborgd door garantstelling vooraf

SodM geeft aan zorgen te hebben over de financiële draagkracht en daarbij de ondernemersgeest van de operators. DAGO vraagt zich af op basis van welke feitelijke informatie SodM deze conclusies trekt, daar het wettelijke toezicht van SodM zich niet richt op de financiële aspecten van operators, ondanks dat deze informatie wel gedeeld wordt in de vergunningsaanvraag. Voor met name de nieuwere geothermieprojecten zijn voor de financiering juist een substantieel eigen vermogen én een reserve vereist. DAGO benadrukt dat een verdere intensivering en versnelling forse investeringen vraagt in tijd, menskracht, betrokkenheid en geld van alle betrokken partijen gezamenlijk, van alle overheden tot operators en toezichthouders. Decentrale overheden die voor het eerst met initiatieven rond geothermie te maken krijgen hebben een grote behoefte aan kennis, heldere uitwerking van nut en noodzaak en een zuiver afgewogen risicobeoordeling.

Onvoldoende passend wettelijk kader en belang van tijdelijk beleidskader

Daarnaast constateert de sector dat toezicht, handhaving en beleid niet goed aansluiten op de geothermie, omdat de wetgeving ontworpen is voor vergelijkbare technologie met andere karakteristieken (andere energiedrager, andere drukken, andere fysische eigenschappen en dus deels andere risico’s). De toepassing van geothermie vraagt een passend wettelijk kader en aansluitend toezichtarrangement dat de belangen voor maatschappij en bedrijven evenwichtig adresseert. Daar werkt de sector aan met de betreffende ministeries en SodM.

De constatering dat winningsplannen nog niet door het Ministerie van Economische Zaken zijn goedgekeurd is mede terug te voeren op het ontbreken van een eenduidig format hiervoor. Plannen zijn wel ingediend, maar nog niet compleet behandeld. Wij ondersteunen de oproep van de toezichthouder om hier in gezamenlijkheid met DAGO en EZ actie op te nemen en tot die tijd een tijdelijk beleidskader en toezichtregime te hanteren.

Noodzaak van passend doelmatig toezicht

Het toezicht vanuit SodM op de geothermische sector heeft zich de laatste jaren versmald. Waar in de beginjaren ruimte was voor zogenaamde compliance assistance – oftewel uitleg geven over wet- en regelgeving met als doel de naleving te bevorderen – verschuift het toezicht naar meer handhavend optreden; ook op zaken die minimaal risico vormen voor mens- en milieu. Dit heeft nadelige effecten op de doelmatigheid, terwijl juist een dialoog, voorlichting en argumentatie kunnen bijdragen in een lerende sector, waarbij ook de betrokkenheid van de toezichthouder van grote waarde is. Ook SodM leert vanuit het werkveld.  

DAGO is voorstander van streng toezicht, mits doelmatig. DAGO en haar leden hopen in de komende jaren een constructieve dialoog te kunnen onderhouden met de toezichthouder, zodat de doelstellende normen in gezamenlijkheid nader gespecificeerd en uitlegbaar worden en aansluiten op alle verwachtingen en passen bij de dagelijkse praktijk van geothermie.

DAGO en de geothermiesector zal zich blijven inzetten om de ontwikkeling van geothermie verder te brengen, met oog voor betrouwbaarheid, veiligheid, duurzaamheid en betaalbaarheid, om zo haar bijdrage aan de energietransitie te kunnen blijven vervullen.

Voor vragen kunt u zich melden bij:

Martin van der Hout
vanderhout@dago.nu
+31 6 2341 2570

 

Bijvangst van koolwaterstoffen in de geothermie
30-03-'17

Geothermie

In bijna alle aardwarmteputten die in Nederland geboord zijn komt naast warm water ook opgelost gas en in een enkel geval olie naar boven.

Geothermie operators (aardwarmte vergunninghouders) hebben daarom in beginsel te maken met dezelfde eisen als bij een boring naar olie en gas. Daarom wordt tijdens de voorbereidings- en boorfase binnen dezelfde wettelijke bepalingen gewerkt. De operators worden door SodM getoetst op dezelfde procedures en criteria als bij de olie- en gasoperators het geval is.

 

Opstart

Na een boring treedt voor de geothermie operator het moment suprême aan: de put wordt getest. Gedurende een aantal vaste procedures wordt er getoetst hoe warm het geowater is, welke drukken noodzakelijk zijn om het geowater in- of uit de put te krijgen, wat de exacte samenstelling van het geowater is, etc. Uiteraard gelden gedurende deze procedures ook de veiligheidsvoorwaarden die wettelijk zijn vastgelegd. De vergunninghouders zijn en blijven daarin de eindverantwoordelijke.

 

Putten produceren niet vanzelf

Alle operationele geothermieputten in Nederland zijn "dood", dat wil zeggen dat het geowater er niet vanzelf uitstroomt. Wanneer geen aardwarmte wordt gewonnen is het statisch waterniveau tussen de 50 en de 250 meter onder maaiveld, afhankelijk van de put. Voor de warmteproductie is dus altijd een waterpomp (ESP) in de put nodig om het geowater via een aparte productie leiding in de bovengrondse installatie te krijgen. Na het passeren van de warmtewisselaars wordt het geowater weer onder druk naar dezelfde diepte in hetzelfde reservoir in de ondergrond gepompt.

 

Opgelost gas

Het geowater op reservoir niveau staat onder grote druk (200-300 bar), als direct gevolg van de diepte. Met elke 10 meter diepte neemt de druk met  circa 1 bar toe. Zodra het geowater in de buis (ook wel casing genoemd) naar boven komt neemt de druk van het water af. Doordat die druk afneemt zal het opgeloste gas in het geowater langzaam maar zeker uittreden. Dit is te vergelijken met een fles frisdrank waar de druk van afgaat als deze wordt geopend.

De samenstelling en de hoeveelheid gas dat uittreedt verschilt per put. De geothermie installatie is specifiek ontworpen om hier mee om te gaan. Bij sommige locaties wordt het opgeloste gas voor een gedeelte afgevangen, bij andere locaties is de druk in de installatie voldoen groot om het gas in het geowater te houden, zodat het opnieuw wordt geïnjecteerd.

Indien het gas wordt afgevangen, wordt het via een aparte installatie gedroogd en kan daarna worden verbrand in dezelfde installaties die geschikt zijn voor biogas of aardgas. De samenstelling van het gas uit geothermieputten bestaat vaak uit een mengsel van methaan en CO2. De putten in het zuidoosten van Nederland hebben alleen met wat CO2 te maken.

Natuurkundig bepaald kan er in het gebruikte geowater in Nederland maximaal 3,6 Nm3 gas (normaal kubieke meters) per m3 water opgelost zijn. De praktijk laat zien dat er tussen de 0 en 1 kubieke meter gas per kubieke meter water is opgelost.

 

Rekenvoorbeeld:

Indien een geothermie installatie dus een debiet heeft van 200 m3 per uur en er 0,4 m3 gas per m3 geowater vrijkomt, kan er maximaal 80 m3 gas per uur worden afgevangen.

 

Bijvangst

Naast het gas komt soms een minimale hoeveelheid olie in het geowater mee naar boven.
Beide stoffen worden "bijvangst" genoemd, omdat zij niet direct gewenst zijn door de operator. Het is echter niet altijd mogelijk om de druk in de geocentrale voldoende hoog te houden om het gas in oplossing te houden. Omdat deze bijvangst formeel gezien een delfstof is, gelden in Nederland dezelfde kaders als voor aardgas. Op voortouw van het Ministerie van EZ is een bijvangstnotitie koolwaterstoffen opgesteld, die door olie- en gas producenten en de geothermie wordt ondersteund.

 

Commitment van DAGO

In de bijvangstnotitie staat: Stichting Platform Geothermie en NOGEPA committeren zich namens hun leden en/of deelnemers aan deze notitie.
Deze notitie is samengesteld voordat DAGO werd opgericht.

Net als bovengenoemde partijen committeert DAGO zich aan deze bijvangstnotitie.

Vragen

Voor verdere vragen kunt u zich melden bij het bureau van DAGO: info@dago.nu of 088-0307063

30 maart 2017 Martin van der Hout

 

Zie ook:

NAM: Bijvangst en NORM

Aardwarmte kan aardgas vervangen - FD en referentie naar DAGO
31-01-'17

Bijgaand artikel is eind januari 2017 geplaatst in het Financieel dagblad. 

Klik hier voor het volledige artikel

 

DAGO update activiteiten - November 2016
07-11-'16

DAGO (Dutch Association Geothermal Operators) heeft vanaf de start in 2014 een vliegende start doorgemaakt. In oktober 2016 telt de vereniging 14 operators/leden met 16 doubletten, waarvan er momenteel 3 in ontwikkeling zijn. Daarnaast bestaat er een groep van 8 aspirant-leden (aanstormende operators). Hiervan zijn er zeker 4 zo concreet dat er in 2017 “geboord” gaat worden.

Geothermie is een hernieuwbare energiebron die in Nederland grote potentie toont. De ondergrond blijkt in vele regio’s geschikt en het gebruik van geothermie energie kent steeds bredere toepassingen. Het ondernemingsklimaat voor nieuwe geothermieprojecten ontwikkelt zich op een positieve wijze en er is van vele kanten aandacht om de gehele geothermieketen te intensiveren. DAGO wordt door alle stakeholders gekend als de belangenverenging van geothermieoperators in Nederland en de samenwerking tussen de operators binnen de vereniging draagt enorm bij aan de kwaliteitsontwikkeling in de gehele keten.

Domeinen geothermie

Vanuit DAGO zijn vijf domeinen geformuleerd:

  • QHSE (Q=kwaliteit, H=gezondheid, S=veiligheid, E=milieu): standaardisatie en ontwikkeling
  • Wet- en regelgeving en daarbij optimale aansluiting vanuit de praktijk
  • Financiering en subsidies: ten behoeve van verbetering van het ondernemersklimaat
  • Operationeel: delen van kennis, ervaringen en formuleren van gezamenlijke onderzoeksvragen
  • Communicatie: met een open houding op een actieve wijze

QHSE-template

De opbouw van de DAGO QHSE-template is een vervolg van het Handboek Geothermie deel 2 dat dateert uit 2014, waarin generieke richtlijnen voor een Veiligheids - en Gezondheidszorgsysteen (VG-systeem) werden beschreven.  De ambitie van de operators is te komen tot een complete standaardisering van de organisatie en opvolging van ook de kwaliteits-  en de milieueisen voor geothermieorganisaties, naast die van de het VG. Door deze standaardisatie wordt het veel eenvoudiger dezelfde  procedures en richtlijnen tussen de operators te delen op het vlak van QHSE. Hiermee wordt de basis verstevigd om de collectieve leercurve van de sector verder op te bouwen. Dit is een onderdeel in het kennismedewerker project. Vanuit DAGO is een QHSE werkgroep vanuit de operators gestart die onder leiding van QHSE-kennismedewerkers Henk van Dijk en Gerwin Bredewout de noodzakelijke documenten opbouwen aansluitend op de wensen, ervaringen en behoeften van de operators. De eerste documenten zijn in concept opgebouwd: contextanalyse, directiebeoordeling, beleidsverklaring, documentatiebeheer en, uitvoering interne audits en beheersing vakbekwaamheden. Vanuit deze werkgroep volgt ook een trainingsschema waarmee implementatie bij de operators geborgd wordt. 

Wet- en regelgeving

Vanuit het project Industriestandaarden is een inventarisatie van de wet- en regelgeving opgebouwd en daaruit is het pdf bestand DAGO 2016 overzicht geothermie project V12.2 opgebouwd, waarin interactieve koppeling naar kaderdocumenten zijn opgenomen. Daarnaast wordt er in dit project gewerkt aan de vervolmaking van een aantal standaarden op het gebied van onderhoud van ESP en put en omgaan met radioactiviteit. Hierbij wordt een kwaliteitsslag doorgevoerd maar dat zorgt ook voor verdere intensivering van de documenten. Daarnaast is er een tweedaagse training voor toekomstige operators georganiseerd.

Wet- en regelgeving is nooit af en daarbij is toepassing en handhaving voor de geothermie sector ook in ontwikkeling. Zie daarvoor ook het jaarverslag van SodM van 2015. Via de KennisAgenda geothermie zijn en worden daarbij een aantal onderwerpen verder opgepakt en uitgewerkt, waarbij verschillende operators vanuit DAGO inbreng in de projecten hebben gegeven, zodat deze aansluiten op de markt en de behoeften die spelen bij de operators:

Opbouw methode seismische risicoanalyse : aan de hand van deze methodiek kunnen geothermie operators al in een vroeg stadium een duidelijke risicoanalyse doorlopen gericht op geïnduceerde seismiciteit in de ondergrond. De eerste ervaringen met de methodiek worden nu in de praktijk opgedaan door een aantal nieuwe projecten.

Omgaan met testwater in de geothermie: het onderzoek heeft een tiental lozingsopties op basis van technische, financiële, juridische en maatschappelijke criteria afgewogen. Na oplevering van dit onderzoek heeft op initiatief van DAGO een evaluatie met de verschillende toezichthouders plaatsgevonden. Aan de hand van deze bespreking komt naar voren dat het uiteindelijk wenselijk is dat de volledige hoeveelheid testwater weer kan worden geherinjecteerd, maar dat daar praktische en juridische bezwaren bij zijn. Bovendien bestaat het risico dat de injectiviteit afneemt of dat de put uiteindelijk kan verstoppen. Dit is zeer situatiespecifiek en daarom is meer bundeling van kennis en ervaring in de aankomende tijd vereist. Dit zal binnen DAGO worden opgenomen, zodat we binnen enkele jaren de studie opnieuw kunnen toetsen.

Well integrity in geothermie: dit project nadert zijn voltooiing en moet na finaal akkoord tot een implementatie leiden van gestandaardiseerde monitoringstechnieken voor de geothermie. Belangrijkste conclusie is dat de geothermie situatie op een aantal kenmerken sterk afwijkt van die in de olie & gas sector en dat daarom meer behoefte is naar concrete geothermie richtlijnen. En dat verlangt aanpassingen in eerder gepubliceerde mijnbouwstandaarden. Ook hierin zal DAGO het voortouw nemen om specifieke geothermie behoeften in te vullen.

LSA/NORM wet en regelgeving: vernieuwde Europese richtlijnen voor de omgang met stralingsbronnen, waaronder ook de licht radioactieve scaling waarmee geothermie soms te maken heeft, hebben effect op de situatie in Nederland vanaf 2018. Dit kan impact hebben in de procedures en noodzakelijke organisaties van geothermieoperators. In de consultatiefase van deze veranderende wet- en regelgeving vertegenwoordigd DAGO de geothermiesector.

Financiering en subsidies

DAGO heeft eerder een eigen commissie georganiseerd waarin fiscale en administratieve onderwerpen zijn besproken. Omgaan met de MSK-toets  was daar een voorbeeld van. In het laatste jaar is ook evaluatie en optimalisatie van de SDE vanuit de vereniging opgepakt. Het is van grote waarde om praktijkbevindingen van de SDE op een heldere manier met onze overheden te bespreken, zodat deze regelingen verder geoptimaliseerd worden.

Daarnaast neemt DAGO deel binnen de Versnellingstafel Bodemenergie en Geothermie, om in gezamenlijkheid acties te identificeren en uit te voeren die leiden tot een versnelling van de realisatie van geothermieprojecten. Hiermee wordt bijgedragen aan het vergroten van het aandeel duurzame energie in Nederland zoals afgesproken binnen het Energieakkoord.

Operationeel

Vanuit DAGO zijn veel onderzoeksvragen vanuit de geothermiesector ingediend bij de KennisAgenda. Verdere onderzoeken op operationeel gebied staan genoemd op de site van KasAlsEnergiebron.

De kennismedewerker vormt de schakel tussen de 14 leden (operators), 8 aspirant-leden (aanstormende operators), de KennisAgenda en alle stakeholders vanuit onze overheden. Dit zijn daarbij de belangrijkste activiteiten binnen het project kennismedewerker:

  • Begeleiden:  nieuwe houders van een opsporingsvergunning geothermie merken bij DAGO direct dat zij onder gelijkgestemden zijn. De kennismedewerker heeft de eerste contacten met nieuwe leden van DAGO en geeft de referenties door van andere operators, overheidscontacten, lopende onderzoeken of mogelijke dienstverleners. Het behouden van een open verenigingscultuur wordt door achterban en opdrachtnemers steeds nagestreefd. Specifiek voor de aanstormende operators worden regelmatig kennisbijeenkomsten georganiseerd waar nieuwe en bestaande ervaringen worden gedeeld.
  • Bundelen: praktijkervaringen met leerpunten vanuit  de operators worden vastgelegd binnen het centrale logboek van DAGO. Hierdoor hebben ook toekomstige operators bij DAGO toegang tot een schat aan ervaringen die door de andere operators zijn opgedaan. In de zomer van 2016 zijn trainingsdagen georganiseerd voor nieuwe operators, deels gefinancierd vanuit het project IndustrieStandaarden/BestPractices.
  • Generaliseren: Formulering van generieke kennisvragen worden opgebouwd vanuit de behoeften van de operators. Deze zijn niet alleen gebaseerd op de wensen vanuit de invulling van de wet- en regelgeving, maar ook vanuit organisatorische en technische ervaringen van de operators. Vanuit DAGO wordt veel aandacht geschonken aan de grotere onderzoeksvragen die binnen de KennisAgenda worden uitgevoerd, zoals contractmanagement, assetintegrity, ESP-monitoring,  loggingsmogelijkheden en boorgatmetingen. De eerder genoemde projecten induced seismicity, well integrity en testwater zijn ook via de kennisagenda georganiseerd.
  • Overleg en vastlegging: DAGO organiseert door initiatief van de kennismedewerker eigen bijeenkomsten en doet verslaglegging van alle overleggen, zowel binnen DAGO als de overleggen met de verschillende overheden.
  • Netwerk  uitbreiden: Oriënterende gesprekken met nieuwe aanbieders van producten en diensten in de geothermie. De belangstelling vanuit olie- en gas contractors neemt in de laatste jaren verder toe. Boorpartijen, adviseurs en service companies zijn zeer geïnteresseerd in de ontwikkelingen in de Nederlandse geothermie. Door het netwerk binnen DAGO te gebruiken wordt de toetreding van nieuwe interessante partijen vanuit de olie & gassector bespoedigd. Hierdoor verbetert de marktwerking  en de kwaliteit van de geothermieketen.
  • Intensivering: de kennismedewerker heeft inzicht in de ontwikkelingen van zowel de kant van de overheden als het bedrijfsleven. De geothermiesector intensiveert en dat uit zich ook in toenemende ambities binnen de achterban van DAGO. Het is een uitdaging om deze gezamenlijke ambities verder binnen verenigingsverband te verwezenlijken met een kleine organisatie.

Communicatie

In het huidige tijdperk worden waarheden niet alleen op feiten gebaseerd. De implementatie van de omgevingswet en de opbouw van de Structuurvisie Ondergrond (STRONG) vraagt een constante input en initiatief vanuit de geothermie sector. In samenwerking met de SPG worden contacten onderhouden met belangrijke stakeholders. DAGO en haar achterban neemt op open wijze deel aan de brede dialoog binnen de maatschappij. De ontwikkeling naar actieve positionering van de geothermie zal in de aankomende jaren vanuit de vereniging verder worden gestimuleerd. 

 

Voor reacties bent u van harte uitgenodigd om contact op te nemen met Martin van der Hout: info@dago.nu 088 0307063

Dit project wordt gefinancierd vanuit het programma Kas als Energiebron, het innovatie- en actieprogramma van LTO Glaskracht Nederland en het  ministerie van Economische Zaken (EZ).

    

Interactief tijdschema met relevante wet- en regelgeving: eerste versie publiekelijk
18-08-'16

Binnen DAGO loopt het onderzoeksproject "industriestandaarden en best practices", dat mede tot stand is gekomen door de bijdrage van het ministerie van EZ, het Productschap Tuinbouw en Kas als Energiebron. 

Binnen dit project heeft een inventarisatie van alle relevante wet- en regelgeving voor de geothermie sector plaatsgevonden. 

Daarnaast is vanuit SodM steeds een overzicht geactualiseerd in een algemeen tijdschema, waarin verplichtingen voor operators, achterliggende vergunningen en besluiten en andere activiteiten zijn weergegeven. 

Binnen het onderzoekstraject is in de afgelopen maanden gewerkt aan een koppeling tussen het eerder opgebouwde tijdschema en de toelichting daarbij. Dit heeft er toe geleid dat het tijdschema interactief is, waarbij de verschillende projectstappen via linkjes door zijn gekoppeld naar de zogenaamde kaderdocumenten die door DAGO publiekelijk zijn gemaakt. 

Het pdf bestand "DAGO 2016 overzicht geothermie project V12.2" bevat de eerste versie van het  interactieve tijdschema, gepubliceerd op 18 augustus 2016. 

 

Het gebruik en de toepassing van deze informatie is geheel voor rekening en risico van de gebruiker/afnemer. DAGO aanvaardt geen enkele aansprakelijkheid voor onjuistheden, omissies en onduidelijkheden van de inhoud. Ook aanvaardt DAGO geen enkele aansprakelijkheid voor de gevolgen van het gebruik en ten aanzien van het gebruik van de inhoud, in van welke aard dan ook, welke via deze e-mail, website of document wordt aangeboden.

 

Project Well Integrity in de geothermie van start
28-04-'16

Well integrity is prioriteitsproject voor de sector

Het project well integrity  voor geothermie is op 28 maart 2016 met een bijeenkomst van de begeleidingscommissie van start gegaan bij Duijvestijn Tomaten in Pijnacker. Dit is het grootste project wat tot nu toe is gehonoreerd in de Kennisagenda Aardwarmte en alle betrokken partijen hebben hoge verwachtingen over de resultaten.

Waarom well integrity

Vanuit het mijnbouwbesluit (artikelen 3, 67, 68) is bepaald dat alle operators  de putintegriteit dienen te beheersen en daarvoor is het gewenst dat er richtlijnen en procedures worden ontwikkeld en toegepast. Management van putintegriteit is het volledige pakket van technische en organisatorische maatregelen om het risico van oncontroleerbare ontsnapping van  vloeistoffen en gassen.

Geothermie operators in Nederland werken tot op heden nog niet met één uniforme standaard voor well integrity management,  maar dit is wel gewenst, zowel door (aanstormend) operators als de toezichthouder. DAGO en haar leden werken vanaf de oprichting in 2014 aan de totstandkoming hiervan. In een recente brief aan SodM heeft DAGO ontwikkelingen in dit proces toegelicht.

 

De Aanpak

Tijdens de kick-off bijeenkomst met de Begeleidingscommissie is er met alle partijen gesproken over de aanpak van het project.  Er is bewust door deze partijen voor gekozen om  de ISO 16530 systematiek voor well integrity uit de internationale olie- en gassector ook voor de geothermie in te zetten. De risico's en de daar uit volgende effecten in de geothermie zijn niet vergelijkbaar met die van de olie- en gaswinning, maar met het doorlopen van dezelfde systematiek worden aannames uitgesloten en de kwaliteitsstandaard geborgd aan de laatste inzichten.

Industriestandaard

Het project zal uiteindelijk industriestandaarden voor de beheersing van de well integriteit in de geothermie opleveren, getoetst aan best beschikbare kennis en kunde. Mede daarom is er gekozen voor een consortium van uitvoerende bedrijven, onder leiding van Wood Group Intetech.

Een belangrijk onderdeel in de eerste fase van dit project is een integrale risicoanalyse (HAZID), op 8 juni 2016, inclusief de contextbeschrijving, in gezamenlijkheid met vele verschillende disciplines. Deze sessie staat begin juni gepland met geologen, deskundigen op het gebied van kwaliteit, gezondheid, veiligheid en milieu (QHSE), technici en contractors  van uiteenlopende aard (boren, casing, materialen) en operators. Deze risicoanalyse zal vervolgens gebruikt gaan worden in de verdere stappen in het project, waaronder een evaluatie van de huidige praktijk, een verdere toetsing aan de bestaande wet- en regelgeving en het opstellen van geothermie industriestandaarden voor well integrity.

Gedurende de verschillende fases van het project zullen updates volgen via verschillende media, waaronder de website van Kas als Energiebron en DAGO. 

Twee nieuwe aspirant leden
11-04-'16

In april 2016 hebben zich twee nieuwe aspirant leden bij DAGO gemeld. Beiden zijn ondertussen als aanstormend operator bij de vereniging. Het betreft de volgende twee bedrijven: 

Duurzaam Voorne

Aardwarmte Combinatie Luttelgeest

Welkom bij de vereniging! 

 

 

Warmtestad sluit zich aan bij DAGO
28-10-'15

Warmtestad is een initiatief van Waterbedrijf Groningen en de gemeente Groningen. 
Na kennismaking in Groningen en Middenmeer, bij ECW op locatie, sluit Warmtestad zich als "aanstormende operator" aan bij DAGO. 

Het nieuwe verwarmen en koelen

WarmteStad voorziet stadjers en bedrijven van duurzame warmte (in de winter)en kou (in de zomer). Een energieneutraal Groningen in 2035, dat is het doel. De projecten van WarmteStad dragen bij aan het terugdringen van de CO2-uitstoot in de stad.

Betrouwbaar en duurzaam

Er is bewust voor gekozen deze nieuwe nutsvoorziening in publieke handen te leggen. Dit biedt de beste garanties voor toegankelijkheid, continuïteit en evenwichtig prijsbeleid. De bv WarmteStad is in januari 2014 opgericht. Het waterbedrijf en de gemeente zijn beide voor vijftig procent aandeelhouder.

 

20 voorstellen ontvangen voor 2e call Kennisagenda Aardwarmte
02-09-'15

(bron: kasalsenergiebron)

De Kennisagenda

In de Kennisagenda Aardwarmte wordt onderzoek naar de ontwikkeling van aardwarmte gefinancierd. De kennisagenda heeft, net zoals het programma Kas als Energiebron, een vraaggestuurd karakter. Dit houdt in dat voor de invulling en aansturing van de kennisagenda de Kenniscoördinatiegroep vanuit bedrijfsleven en overheid is ingesteld, bestaande uit: Platform Geothermie, DAGO, LTO Glaskracht Nederland, ministerie van Economische Zaken DG ETM en DG AGRO, TNO Age, Sodm, RvO.

Deze partijen stellen gezamenlijk de onderwerpen op en geven advies over de ingediende onderzoeksvoorstellen aan de Stuurgroep. De Stuurgroep, bestaande uit LTO Glaskracht Nederland en het ministerie van Economische Zaken DG ETM en DG AGRO, beslist uiteindelijk welke onderzoeksvoorstellen via de Kennisagenda gefinancierd worden.

Doelen

Doelen van de Kennisagenda zijn o.a. het terugdringen van onzekerheden en risico’s (met de focus op de operationele fase en de ontwerpfase), het verbeteren van de operationele en energetische efficiency en het verlengen van de gebruiksduur van een aardwarmtebron. Lees hier meer over de visie, ambitie van de Kennisagenda Aardwarmte.

Onderzoekscall

Per jaar worden  één of twee onderzoekscalls uitgezet. Uit de aangedragen voorstellen selecteert een beoordelingscommissie de meest passende, op basis van onder andere de prioriteit, de kosten en de mate waarin andere bedrijven en instellingen meefinancieren.

Tweede call
De tweede call was open tot 24 augustus 2015. Bekijk hier een overzicht van de onderzoeksonderwerpen.

 

Tot 24 augustus 2015 zijn voor deze tweede call 20 voorstellen ontvangen voor 2e call Kennisagenda Aardwarmte.

https://www.kasalsenergiebron.nl/nieuws/20-voorstellen-ontvangen-voor-2e-call-kennisagenda-aardwarmte/

DAGO heeft de mogelijkheid de projectindicaties met een voorstel advies en reactie voor te bereiden voor de beoordelingscommissie van de kennisagenda.  

Kennis vastleggen en delen
10-07-'15

Operators en aanstormende operators komen op regelmatige basis samen, waarbij ook tijd wordt besteed aan operationele zaken. Deze worden gerubriceerd in een centraal DAGO-logboek  waardoor het collectief lerend vermogen ook wordt vastgelegd.

Tot op heden heeft een aantal operators op eigen initiatief verschillende cursussen gevolgd. Vanuit DAGO is het wenselijk dat er cursussen worden opgezet in modulevorm op basis van een leerplan. Daarbij is het streven om in het najaar van 2015 de eerste versie op te starten, gekoppeld aan de implementatie van de industriestandaarden.

Voor reacties bent u van harte uitgenodigd om contact op te nemen met Martin van der Hout: info@dago.nu  088 0307063 Meer nieuws wordt ook gemeld via @DAGO_NL

Gezamenlijke kennisopbouw en onderzoek
10-07-'15

Naast de onderzoeksinitiatieven in de KennisAgenda investeren operators en aanstormende operators ook in gezamenlijke onderzoek. Samen met TNO wordt er gewerkt in twee technologieclusters, waar een aantal oparators in deelnemen. De eerste cluster kijkt naar de toepassing van radial drilling in de geothermie, waarbij debietsverhoging wordt nagestreefd. De tweede kijkt naar de technische randvoorwaarden zoals materiaaleigenschappen en completion (putopbouw) die gelden indien het debiet wordt vergroot. 

 

Wet- en regelgeving
10-07-'15

De belangrijkste standaardisatie binnen de sector wordt bepaald door de wet- en regelgeving. Het spreekt voor zich dat de operators hieraan voldoen, waarbij  DAGO de rol heeft om verdere uitwerking vanuit het operatorscollectief in te vullen. Hierdoor wordt een efficiëntieslag gemaakt voor de operators en voor de overheid, aangezien er een steeds verdere standaardisatie van methodieken en documentatie plaatsvindt.

In de afgelopen maanden is meermaals overleg geweest tussen SodM en DAGO over verdere gewenste uitvoering van twee integrale studies voor de geothermie (putintegriteit en geïnduceerde seismiciteit). Daaropvolgende heeft DAGO de contexten van deze thema’s uitgewerkt en deze binnen de KennisAgenda aangeboden. Beide thema’s worden in 2015 uitgevoerd.

Standaardisatie
10-07-'15

De geothermie maakt gebruik van internationaal erkende standaarden en normen, die gebruikt worden in de verschillende fasen van een geothermieproject. Voorbeelden van standaarden zijn ISO en VG systematiek, waarmee de operators de veiligheid en gezondheid garanderen. Er bestaan een aantal specifieke vraagstukken waarbij specifieke geothermie procedures uitgewerkt dienen te worden. Binnen het project IndustrieStandaarden dat vanuit Programma Kas als Energiebron wordt gefinancierd,  is een start gemaakt met het opstellen van de eerste procedures. Een aantal daarvan hebben betrekking op het openen van de put gedurende de winningsfase van een project, waarbij een standaard ontheffingsaanvraag een goed voorbeeld is hoe we binnen sector werken.

De operators van DAGO hebben zich 7 juli 2015 unaniem gecommitteerd aan de eerste standaarden en binnen de vereniging wordt het beleid verder uitgewerkt om gebruik hiervan te formaliseren. De begeleidingsgroep van dit project (KAE, SodM, SPG) dient daarbij voor verder gebruik het commitment van DAGO voor invoer van de standaarden over te nemen.

De bestaande operators hebben in hun project soms te maken met nieuwe geothermieactiviteiten, waar andere operators nog niet mee te maken hebben gehad. Denk hierbij bijvoorbeeld aan de werkzaamheden in juni 2015 bij Green Well Westland. Binnen DAGO verdienen beschrijvingen van dit soort activiteiten aanpassingen om omgezet te worden als  generieke IndustrieStandaarden en Recommended Practices die door de andere operators gebruikt kunnen worden.